De vijand keek mee bij de grote legermanoeuvres in Noord-Brabant in september 1936!

Een foto van een viertal militairen van de motorbrigade* van het Nederlandse leger te Veghel. Waarschijnlijk gemaakt in september 1936 tijdens de grote legermanoeuvres in Noord-Brabant.

motorbrigade nederlands leger 1936

De foto is genomen in de Molenstraat.  Als je goed kijkt zie je de voormalige panden van fotozaak Barten, en rechts daarnaast van Himbergen Electro. Fotograaf is niet bekend maar het zou me niet verbazen dat Barten de foto zelf heeft gemaakt, immers het is recht voor zijn zaak en de voordeur staat open. De meest rechtse militair kijkt wat bedenkelijk.

Fotograaf Barten was van alle markten thuis, naast fotograaf was hij tevens huisschilder, behanger en verkocht als winkelier verfartikelen, behang, foto- en tabaksartikelen en je kon zelfs je wratten bij hem weg laten halen met ’n gebedje werd eerder opgemerkt op GroetenUitVeghel. Maar dit allemaal even ter zijde;).

De motoren zijn waarschijnlijk Eysink motoren met op het stuuraffuit een zogenaamde Schwarzlose mitrailleur. Achterop zijn steunen aangebracht waar munitiekisten in vervoerd kunnen worden. De Eysink fabriek zat in Amersfoort en deze motorfietsen stammen nog uit de tijd van de Eerste Wereldoorlog, maar werden zelfs in 1940 nog gebruikt (aldus het NMM waar een dergelijke motor nog te bezichtigen valt).

De kranten besteedden destijds heel veel aandacht aan de grote legermanoeuvres in Noord-Brabant in september 1936. Er waren twee strijdende partijen, een rood en een blauw leger. Deze beide legermachten werden tegenover elkaar gezet in Oost-Brabant. Het gehele verloop van de “strijd” werd breed uitgemeten in de kranten, zie hieronder ook enkele krantenknipsels. Dit alles onder toeziend oog van minister Colijn en zelfs de pas verloofde Prins Bernhard kwam naar Den Bosch om de nieuwe pantserwagens in ogenschouw te nemen.

Een saillant detail is dat er ook buitenlandse militairen (getuige onderstaande krantenfoto), waaronder nota bene Duitse en Italiaaanse officieren, bij de verrichtingen van het Nederlandse leger aanwezig waren! Toch wel opmerkelijk te noemen aangezien in die periode de ontwikkelingen in met name Duitsland met argusogen werden gadegeslagen. Blijkbaar was het Duitse “Vorsicht! Feind hört mit!” toen nog niet doorgedrongen in de Nederlandse gelederen. Later zou blijken dat het Nederlandse leger in verhouding tot het Duitse leger nauwelijks iets voorstelde. Het militaire gezag had te maken met een gigantische discrepantie tussen wensen en beschikbare middelen. In het interbellum had de politiek pas in de tweede helft van de jaren ’30 echt oog voor kwaliteitsverbetering  en versterking van het Nederlandse leger. Eén ding is zeker, het toont heldenmoed dat “onze” jongens het in deze omstandigheden opnamen tegen een in 1940 -zo bleek- onverslaanbare Duitse overmacht!

Tekst: E. Verwijst, reacties uiteraard welkom.

* Op de site zuidfront-holland1940 wordt overigens gesproken over het  “Regiment Huzaren Motorrijders”, onderdeel van de “Lichte brigade”.

Het Dagblad “De Grondwet” schrijft op 19 September 1936 onder andere: Veghel was door de roode wielrijders van het Zuidelijke detachement om 10 uur bezet, terwijl een gedeelte van dit detachement met drijfzakken over de Zuid-Willemsvaart was getrokken en de brug van de andere zijde onder schot hield, zoodat de blauwen over deze brug niet weer terug konden trekken, doch een uitweg moesten zoeken bij Heeswijk.”

Krantenknipsels grote legermanoeuvres bij Veghel:

0 MMSAB03_000066483_mpeg21_p008_ima22ge

 

Advertenties

Onthulling poster expositie “Mensen van Mobilisatie tot Monument”.

Flyer Operatie Market Garden Expositie Johan van Eerd

Onthulling poster expositie “Mensen van Mobilisatie tot Monument”.

Vanavond is in het oude gemeentehuis de poster (en flyer) onthult van de in September te houden expositie “Mensen van Mobilisatie tot Monument”. Dit ter gelegenheid van 75 jaar Market Garden. De organisatie, bestaande uit de Heemkundekring Vehchele, de erven van Johan van Eerd en GroetenUitVeghel.nl heeft uit ruim 800 foto’s een selectie gemaakt van 75 foto’s waarin de mobilisatie, de oorlog, de bevrijding en de wederopbouw van Veghel worden belicht. Deze vormen het hart van de expositie. Hierbij ligt het accent op de beleving  van de “gewone” burger gedurende de periode 1939-1959. De meeste foto’s zijn gemaakt door Johan van Eerd en een behoorlijk aantal is niet eerder vertoond. Bij de foto’s zullen opgetekende verslagen, ervaringen en fragmenten uit dagboeken worden opgenomen, vooral ook van mensen die er zelf bij waren. Enkele foto’s zijn speciaal voor deze gelegenheid voorzien van kleur.

Er zullen gebruiksvoorwerpen uit die periode te zien zijn en een maquette, met daarop de straten en huizen van Veghel ten tijde van 1944. Een hoek wordt ingericht door de “Werkgroep Struikelstenen” waarin aandacht is voor de 16 Joodse bewoners van Veghel die tijdens de oorlog zijn gedeporteerd en later zijn omgekomen in een concentratiekamp. Op de eerste verdieping draaien er foto- en filmcarrousels met onder andere verhalen van ooggetuigen en zullen nog meer foto’s worden getoond. Ook zal er een wand komen met foto’s over de wederopbouw na de oorlog.

De tentoonstelling zal gehouden worden van 15 t/m 22 September in de voormalige winkel van Woninginrichting Van Herwaarden, Hoofdstraat 49 Veghel, toegang is gratis.

Openingstijden: Zondag 15 September van 14.30 – 18.00 uur. Daarna elke dag tot en met zondag 22 September geopend van 10.00 tot 18.00 uur. Op koopavond vrijdag 20 September geopend tot 21.00 uur.

 

Mijn Oranjewijk

 

Aa Veghel, links Beatrixsingel.
Links zicht op Beatrixsingel 2013 (Oranjewijk).

Vanaf het paadje langs de AA keek ik naar mijn wijk, 3 lange straten door zijstraten verbonden, daar waar niemand arm was, weinigen rijk. Waar je verdwijnen kon, maar altijd weer werd gevonden. Daar waar deuren open bleven, weinig viel er te halen,

Waar op zondag de kerk vol was en ook het café. Je bij de buren voor 10 cent Dappere Dodo zag op de tv, en bij voetbalpartijtjes onze jassen dienden als doelpalen. Daar waar de tijd stil kon staan, alles bleef zoals het was, het leven was kalm en vertrouwd, het kwaad gebeurde ginder.

Op een zekere woensdag kreeg je een kruisje van as. En soms moest je een opstel voorlezen in de klas. Weinig om bang voor te zijn, behalve voor “De Zwarte Ruiter”, die boef zou kunnen komen als je heel stout was geweest. Verder waren wij vooral onbezorgd en blij, van weinig hinder.

Kwam ook Koninginnedag er weer aan, een groot feest… op nummer 8 woonde opa Kuypers, op 10 janus en Betje, en op de hoek Anna van Dinter.

Tekst: Peter van den Broek©.

IMG_0843a
Zicht op Oranjewijk eind 2016.

Jeugdherinneringen aan Veghel

Door Peter van den Broek.

Lily

Lang geleden zong Willy Alberti een mooi melancholiek liedje over zijn eerste vriendinnetje waarmee hij zong op de zangvereniging en waarmee hij wandelde door het laantje onder het maantje, maar die niet meer aan hem denkt nu hij niet meer zingt.
Mijn eerste vriendinnetje in mijn vroege jeugd in Veghel was Lily. 10 jaar was ik en zij misschien 11. Zij was het dochtertje van de directeur van de superfosfaatfabriek Coenen en Schoenmakers, de fabriek aan de Zuid-Willemsvaart, waar destijds ook 2 ooms van mij werkten en waarvan ik vrees dat die werkomgeving hen het leven met jaren heeft verkort.

last one small
Superfosfaatfabriek Coenen & Schoenmakers.

Maar wist men toen veel… Of erger, men wist het wel maar verzweeg het. Misschien is de term mijn vriendinnetje wat te sterk uitgedrukt. …Onze sociale levensstandaard verschilde veel. Ik, het arbeiderskind uit de Oranjewijk en zij de dochter van een rijke fabrikant, die woonde in die prachtige witte villa die er nog altijd staat en waar ik later talloze malen aan voorbijreed als ik weer eens richting Veghel reed en niet een keer zonder aan haar te denken. Ik heb nooit een stap over de drempel van die villa gezet, integendeel, ook aan de achterkant werd de tuin, die grensde aan onze speelomgeving, die de bijnaam Klein Amerika had, omringt door een hoog hek.

Met Lily voelde ik dezelfde afstand die ik voelde als ik weer eens naar het tennissen stond te kijken op het tennispark dat aan de achterzijde lag van de bioscoopzaal van Maison van den Boer. Daar waar we op woensdagmiddagen naar De Dikke en de Dunne, naar Rin Tin Tin en Roy Rogers keken. Daar waren mensen aan het spelen die ook in Veghel woonden, maar voor mijn gevoel in een andere leefwereld, een hogere sociale klasse. Hetzelfde gevoel dat ik had als we met onze vader op zonnige zondagen een wandeling langs het riviertje De AA maakten en uitkwamen bij de hockeyvelden van Geel Zwart. Ook daar speelden Veghellaren die we niet kenden en die totaal buiten onze leefwereld vielen. We kenden ze niet, kwamen er zelden of nooit mee in contact. Niemand van mijn klasgenoten van de Aloyisiusschool speelden tennis of hockey.  Tegenwoordig zijn die sociale tegenstellingen grotendeels weggevallen. Veel van de kinderen van mijn neven en nichten spelen tennis en hockey.

Uit die tijd herinner ik me nog dat ik bij een klasgenootje, als ik me goed herinner Twan van de Hoven, die aan de Beatrixsingel woonde thuis kwam en tot mijn verbazing een piano zag staan. Een piano……..! Ik had nog nooit een piano van dichtbij gezien! Als in mijn milieu bij toeval pianoklanken uit de radio te horen waren, werden die binnen 5 seconden het zwijgen opgelegd…

Ik zag Lily Schoenmakers als mijn vriendinnetje, maar eigenlijk was dat meer een wens dan dat dit echt zo was, veel meer een droom van een wat gevoelig jongetje dan realiteit. Maar wat kunnen kinderdromen heerlijk zijn! Heel dichtbij haar ben ik echter nooit gekomen, ik heb alleen vaak bij haar achterop de fiets gezeten beken ik met enige schroom, maar ik verzon er een heel andere vriendschap bij, zonder een spoortje van erotiek natuurlijk, kinderen van die leeftijd waren in die tijd nog zo groen als gras. Dat van die fiets zat zo: Na de vroege dood van mijn moeder heb ik een paar jaar bij mijn grootouders gewoond in Het Hoge Huis aan het einde van de NCB-laan tegen de Zuidwillemsvaart aan. Met mijn speel-en schoolvriendje Bert van de Nieuwenhuizen, die vlakbij woonde, liep ik iedere schooldag de lange NCB-laan af op weg naar school. Het begon ons op te vallen dat heel vaak hetzelfde meisje op de fiets passeeerde. Ik weet niet meer precies hoe het is gegaan, maar op een dag kwam ik achterop haar fiets terecht en dat werd een vast ritueel. Bert wilde dat ook wel, deed soms ook wel een poging, maar had het nakijken, was geen sportfiguur en ik voetbalde bijna dag en nacht en was veel sneller. Het lijkt onbetekenend, maar achterop de fiets bij Lily had een enorme impact op mij. De gelukzaligheid als ik haar in de verte al aan zag komen, ik kan dat gevoel nog zo oproepen en ook de teleurstelling als ze er een dag niet was. Ik herinner me nog de koninginnendag op het schoolplein waar de jongens van mijn school en de Bernadetteschool van Lily tijdens de aubade naast elkaar stonden…… en ik bijna naast haar…. Is helaas maar 1 keer gebeurd.

Niet lang daarna moest ik Veghel tot mijn grote verdriet van de ene op de andere dag verlaten en brak een lange periode van ziekmakende heimwee aan. Heimwee naar mijn school-en wijkvriendjes, naar mijn familie en naar Lily. Daarna heb ik nooit meer iets van haar gehoord of over haar vernomen. Ze moet nu als ze nog leeft een betrekkelijk oude dame zijn, maar die gedachte verdrijf ik onmiddellijk. Jeugdliefdes blijven zoals je ze destijds hebt beleefd!

Peter van den Broek©.

N.b. Huis op de foto is niet het woonhuis van Lily.

Autozegening Veghel

Moge God u zegenen en u behouden doen thuiskomen.

Autozegening Veghel
Autozegening Veghel

Autozegening te Veghel (ook wel voertuigenwijding of autowijding genoemd). Een gebruik in de Rooms-Katholieke Kerk dat vooral in het derde decennium van de vorige eeuw plaats vond. De foto’s van Johan van Eerd, waarschijnlijk midden jaren ’50,  geven prachtig weer hoe dat er aan toe ging destijds. Omdat er steeds meer auto’s op de weg kwamen en er ook meer verkeersslachtoffers vielen. De auto’s, zoals ook op onderstaande foto’s is te zien reden één voor één langs, hier bij de Lambertuskerk. Maar ook brommers en Solexen werden gezegend en door de plaatselijke geestelijke besprenkeld met wijwater onder het uitspreken van een gebed, zoals: Moge God u zegenen en u behouden doen thuiskomen.

Als katholiek gebruik was de Autozegening vaak verbonden met de verering van de Christoffel, de patroonheilige van de reizigers en werd het daarmee ook van de bestuurders van moderne vervoermiddelen en de veiligheid daarvan. De inzegening vond vaak plaats op of omstreeks 24 juli, wat de feestdag is van Sint-Christoffel.

Herkent u iemand op de foto’s reageer dan.

Mag ik voor het te laat is één koffie meneer?

Oude krantenkoppen als “Te slopen café kent rijke geschiedenis” (BD, 2011), “Het oude stationskoffiehuis is helemaal verkrot” (Kliknieuws Juni 2017), “Het staat op instorten” (Stadskrant, 2008) en een artikel in de Stadskrant van 2011 heeft als kop: “Café Spoorlaan maakt plaats voor huizen“. Deze krantenkoppen uit het verleden voorspellen weinig goeds. In een van de artikelen wordt gemeld dat gemeente in overleg gaat met de eigenaren.

1936

Oorspronkelijk was het pand in gebruik als Hotel en Stationskoffiehuis H.B. van der Leeden (Henricus Baldewinus van der Leeden was  gehuwd met Hendrika van Asperen), dit in de nabijheid van het oude Stationsgebouw dat in de jaren ’60 per abuis* is gesloopt. Later zijn naar zeggen van diverse reacties Ties (Martinus) en Mien Duijts de uitbaters geweest. Dit blijkt ook uit een record van het Handelsregister op het BHIC, het jaar van inschrijving 1944 met handelsnaam M. Duijts, die vervolgens is uitgetreden als eigenaar in 1948 wegens overdracht der zaak aan F. Duijts (of dit ook het café betrof is onduidelijk). Hierna heeft de familie Danklof het café overgenomen (hoe lang blijkt niet uit de archieven van BHIC). Onder de wat oudere “jongeren” is het café misschien wel het meest bekend onder de naam “Don-Pedro Bar” van Peter van Os (van 1976 tot 1994). Maar mogelijk hebben er nog meer eigenaren in gezeten. Op een foto van Veghel in Beeld is een inmiddels verdwenen reclame uithangbord van Dommelsch bier te zien met daaronder de naam “Kolenkit“. Inderdaad een café met een rijke geschiedenis, maar over deze geschiedenis en jaartallen is maar heel weinig te vinden in openbare archieven. Op het BHIC is er wel een record terug te vinden onder de naam ” Hotel van der Leeden, Stationskoffiehuis” in het Handelsregister met vestigingsdatum 1896, datum inschrijving 1923 en datum opheffing 1945. Maar dan staat er Hoofdstraat als adres vermeld. Op z’n minst verwarrend. Ja, er zat in de Hoofdstraat ook een hotel van der Leeden, echter was dit ook een Stationskoffiehuis? Nee, hier was Johannes van der Leeden (vader) logementhouder en herbergier en lijken deze data te kloppen.

Op de twee oude foto’s is te zien dat er zowel aan de voorzijde en links van het pand veranda’s hebben gezeten, met prominent aanwezig de reclame borden van de Bredase Bierbrouwerij de “De Drie Hoefijzers”. Achter het café is het dak en een deel van het toenmalige woonhuis van Ties Duijts te zien, dit pand is waarschijnlijk in de jaren ’70 gesloopt bij de bouw van het bedrijfspand van Coppelmans Keukens.

koffiehuis new333_FotddoSketcher

Anno 2019 staat het pand staat er nog steeds, getuige onderstaande foto’s van afgelopen maand. Vervallen inderdaad, dit in schril contrast met de mooie historische panden aan de overzijde van de Spoorlaan. Iets verder staat een prachtig treinstel van museum SIEMei te pronken, “wachtend” voor de historische spoorwegovergang bij het witte wachtposthuisje. Tegenover het voormailge café staat een beetje verloren het Stationsbord dat doet herinneren aan het oude Stationsgebouw. Okay het café ziet er niet uit in de staat waarin het nu verkeerd. Maar dan vraag je je toch af waarom, en dit in tegenstelling tot wat er in de oudere krantenkoppen wordt gesuggereerd, er niet is of wordt overwogen om dit historische pand in oude luister te herstellen in plaats van het te slopen. Het zou een mooie aanvulling zijn bij de al aanwezige historische bezienswaardigheden aan de Parallelweg-Zuid…. Laat de koffie u smaken ;)!

Reacties, correcties en/of aanvullingen van harte welkom, Emiel Verwijst.

* Aldus de site het Duits-lijntje: “Het was niet de bedoeling het hele gebouw te slopen, echter alleen de wachtkamers aan beide zijden”.

Veghel, huisje “Het Zeelstje” op de Tillaar

gelegen in de Aa-beemden aan de Tillaar. Laatste bewoners Piet Hurkens en Bertha Waals 22ww. copy copy_FotoSdddketcher

“Het Zeelstje”, de naam van het karakteristieke Meierijse huisje, dat bij de bouw van de Veghelse woonwijk ’t Zuid in 1965 gesloopt werd. Op BHIC valt te lezen dat dit stukje Veghel de ‘Tillaar’ heette, gelegen in de Aa-beemden en dat de laatste bewoners  Piet (Petrus) Hurkens en Bertha Waals waren (echtpaar). Op oudzijtaart.nl is een kaart terug te vinden over de indeling van de zogenaamde tiendklampen (een groep bij elkaar gelegen percelen). De Veghelse familienaam “Van den Tillaart” vindt mogelijk zijn oorspong aan dit stukje grond.

Als je de archieven van het BHIC er op na slaat, voorzover te ontcijferen voor een leek (met name notariële akten) kom je inderdaad de familie naam Waals tegen (1935, Hendricus Waals, wonend te Veghel op het Zeelstje; Wilhelmus Waals en Lamberta Maria Waals ook wonend aldaar (kinderen). In diverse akten wordt gesproken over het Zeelstje, maar ook over Zilstje, de Groote Zeelst, het Klein Zeeltstje en hooiland aan het Zeelstje. Ook de naam Coppens is in relatie tot het Zeelstje terug te vinden in een akte. Antonius Coppens en Adrianus Coppens, beiden bakker en winkelier te Veghel en Johannes Bernardus Duffhuis, molenaar gehuwd met Elisabeth Coppens delen het nagelaten goed (1876) van hun ouders Peter Coppens en Elisabeth van Erp. Verder komt de naam van den Tillaert (tillaart) terug in een erfdeling (1813) waar onder andere  bouwland op Rutselt genaamd het Zilstje wordt vernoemd. Bij deze Franstalige akte die ik op het BHIC tegen kwam dacht ik: “Voor wie wil, mag er verder induiken” ;)! En als je dan toch nog even verder zoekt op wellicht verbasteringen van het Zeelstje (het huisje en/of stuk land) zoals “het silstken” (1655), “het zilske” (1733), “het zilstje” (1841), “het silstje” (1847)” dan begint het helemaal te duizelen. Kortom, een huisje op een stukje Veghel met een behoorlijke geschiedenis, die mogelijk terug gaat tot 1655!

Bovenstaande afbeelding is een “vrije” bewerking van een oude zwart/wit foto die terug te vinden is op BHIC. Je kunt je bijna niet voorstellen dat dit nostalgische boederijtje op de plaats stond tussen de huidige flats en de Dr Schaepmanlaan in Veghel Zuid.

Reacties uiteraard welkom, E. Verwijst.

@ 11 Februari 2019:

Een oude kadasterkaart van het BHIC van 1832 geeft meer duidelijkheid over het gebied “Zeelstje” (licht groen gearceerd), maar ook over de exacte locatie van het perceel ” ’t Zeelstje ” (donkergroen gearceerd).

Kadasterkaart Veghel 1832 small2

 

En als je dan de loop van de rivier de Aa destijds (1832) probeert te plotten op een huidige kaart dan lijkt het er op dat de Van Limburg Stirumstraat (groene lijn) dwars door het toenmalige perceel van ’t Zeelstje liep. Direct boven het perceel liep de Dr. Schaepmanlaan (rode lijn), er onder de Van Hogendorplaan (paarse lijn) en rechts de Trompstraat (blauwe lijn).