Arcaturen komen terug op de Lambertuskerk.

Onze ontdekking van de uiterst gedetailleerde foto’s van Johan van Eerd van de verwijderde arcaturen op de Lambertuskerk waarover we reeds in 2018 op onze blog-pagina uitgebreid schreven (zie Verdwenen arcaturen Lambertuskerk) heeft er mede toe geleid dat uiteindelijk dat de arcaturen zullen worden teruggeplaatst op de voorgevel van de Lambertuskerk. En daar mogen we Johan van Eerd dankbaar voor zijn.

Deze unieke foto’s van Johan van Eerd die we reeds in 2018 publiceerden op onze site zijn de enige waarop de teksten onder de beeltenissen te lezen zijn. Samen met Gerard van Heeswijk (Stichting Steunberen Lambertus) die ons naar aanleiding hiervan benaderde kon er nu concreet invulling gegeven worden aan de al langer bestaande wens om de arcaturen terug te plaatsen op de Lambertuskerk. Om verder een zo goed mogelijke reconstructie van de situatie van destijds te verkrijgen hebben we bovendien oude  tekeningen in het bezit van Gerard van Asperen “bewerkt”, zie onderstaand ontwerp van architect Cuypers  (er bestonden geen geschikte ontwerptekeningen van de kerk met arcaturen). Met dit materiaal, bestemd voor de promotie van de “campagne”, ging Gerard van Heeswijk op zoek naar fondsen voor dit project.

Na diverse tegenslagen (geen subsidie door rijk en provincie) hoorde grootgrutter Karel van Eerd van dit initiatief en uiteindelijk heeft hij en zijn familie besloten hiervoor privé-middelen vrij te maken. Hoe bijzonder is dat? Dat de unieke foto’s van fotograaf Johan van Eerd van ruim 60 jaar geleden het uiteindelijk mogelijk maken dat de arcaturen in oude luister kunnen worden gereconstrueerd en hersteld. Over ongeveer een jaar zijn ze weer te bewonderen op de Lambertuskerk. Vandaag schreef ook het BD hierover.

Emiel Verwijst.

Gemodificeerd ontwerp kerk met arcaturen

De Roomsch-Katholieke Coöperatieve Stoomzuivelfabriek „St. Lambertus” te Veghel.

De Roomsch-Katholieke Coöperatieve Stoomzuivelfabriek „St. Lambertus”, te Veghel aan de toenmalige Heuvelstraat (tegenwoordig de Professor Oppenheimstraat) is ontstaan uit “De Eendracht” (Het Ven), “Eendracht Maakt Macht” (Zijtaart) en “Nooit Gedacht” (Eerde).

Aan het einde van de 19e eeuw en het begin van de 20e eeuw was er steeds meer behoefte onder de boeren om zich te verenigen in zogenaamde coöperaties. Dit met als doel om een eerlijke prijs te krijgen voor de melk en de hieruit gemaakte produkten. Men wilde verzekerd zijn van goede afzet mogelijkheden en streefde naar een constantere kwaliteit van onder andere roomboter, die onder de bestaande omstandigheden vaak te wensen over liet. Zuivelbereiding vond tot ver in de jaren ’20 op de boerderij plaats. Dit was veelal de taak van de boerin die verantwoordelijk was voor het melken en de bereiding van boter en kaas, maar ook de verhandeling van de zuivelprodukten. De handmatige bereiding liet veelal te wensen over waar het hygiënische maatregelen betreft. De kwaliteitseisen werden aangescherpt en controles vonden plaats door gemeentelijke keuringsdiensten. Ook ter voorkoming van gesjoemel met zuivelprodukten, zoals toevoeging van water of vermengen van natuurboter met margarine en deze te verkopen als natuurboter. In 1889 komt er een Boterwet die in 1900 verder wordt aangescherpt.

Naar de Botermarkt, Kerkstraat VeghelDe arme zandgronden in grote delen van Brabant en het kleinschalige gemengde boerenbedrijf werkte niet bepaald in het voordeel van de Brabantse boeren.  Ondanks de relatief slechte infrastructuur en lastig te bereiken steden gingen de boeren (of boerinnen) van dorpen rond die grotere plaatsen met handwagens en daarop de kannen naar de stedelijke markten om hun melk te slijten. Was de afstand te groot dan was men voor de verkoop veelal op de dorpswinkelier aangewezen. Gedurende de zomermaanden werd dit probleem alleen maar groter vanwege het warme weer (koel houden).Melkwagen Sluisstraat VeghelOp de lokale gemeentelijke botermijnen kon ook boter worden aangeboden aan winkeliers en handelaren. In de jaren zestig en zeventig van de negentiende eeuw richten veel gemeenten botermijnen op. Ook in Veghel was er een boterwaag in het Raadhuis aan de Markt. Na de komst van zuivelcoöperaties verdwijnen de dorpsbotermijnen geleidelijk.

De bevolkingsgroei vergroot de vraag naar zuivelprodukten en men zoekt naar middelen om aan deze vraag te kunnen voldoen. De komst van De Laval centrifuge (ontroming van melk) in 1879 maakt fabriekmatige zuivelbereiding  mogelijk. Dit gecombineerd met stoom als krachtbron (eerder waren er de handkrachtfabrieken).

In Veghel wordt aan de Hoogstraat langs de Aa in 1887 de eerste particuliere stoomzuivelfabriek opgericht door Johan Bernard Alfred Völker.

Het voortbestaan van de particuliere fabrieken hangt af van het vertrouwen van de lokale boeren en de bereidheid om melk te leveren. Er is geen goede basis voor de melkprijs en boeren kunnen makkelijk terugvallen naar de oude methoden als het hen niet zint. De boeren zijn wantrouwig (winstbejag) en de belangen van de boeren worden onvoldoende gediend. Het doek valt voor Völker in 1927.

De landbouwers weten wel dat er wat moet veranderen en zien langzaam maar zeker meer heil in de coöperatieve zuivelfabricage, waar de bereiding van en handel in boter in wezen deel blijven uitmaken van het eigen boerenbedrijf en waarin de opbrengsten alleen hen ten goede komen. Ook de katholieke kerk speelt hierin een belangrijke rol. De alom bekende pater Van den Elsen (geestelijk adviseur van de NCB) gaat hierin voorop in de strijd tegen misstanden.

Zo wordt ook in Veghel de vereenigingRoomschKatholieke Coöperatieve Stoomzuivelfabriek  St. Lambertus” opgericht. Melding van de oprichting bij akte van 6 Juli 1916 wordt gedaan in de Staatscourant van 10 Augustus 1916:

Voor Bartholomeus Egbertus Josephus Vaalman, notaris ter standplaats Veghel, compareerden: 1. Josephus Martinus van den Tillaart; 2. Antonius Raaymakers Hendrikuszoon; 3. Franciscus van Dooren Gerarduszoon; 4. Jan van Zutven Petruszoon; 5. Wilhelmus van Boxmeer Janzoon; 6. Antonius Thijssen; 7. Adrianus Rovers Martinuszoon; 8. Martinus van de Ven Hendrikuszoon; 9. Jan Vissers Martinuszoon, allen landbouwers, wonende te Veghel.

Bestuur St. Lambertus , in de cirkel links directeur L. Bierens en rechts Martinus van de Tillaart (Voorzitter Sint Lambertus).

Op de foto: Bestuur St. Lambertus , in de cirkel links directeur L. Bierens en rechts Martinus van de Tillaart (Voorzitter Sint Lambertus).

Het doel der vereeniging is de bevordering van de stoffelijke belangen der leden door:

  1. in een door haar te drijven zuivelfabriek melk, afkomstig van de koeien harer leden, voor gemeenschappelijke rekening te verwerken en de daaruit verkregen producten of de melk als zoodanig hetzij zelf, hetzij in vereeniging met derden te verkoopen;
  2. het nemen van maatregelen ter bevordering van een goede melkwinning, van den gezondheidstoestand van het vee en verder van alles, wat de rentabiliteit van de melkveehouderij kan ten goede komen.

Om het genoemde doel te bereiken verbinden de leden zich tot het leveren ten behoeve dier fabriek van de melk van al hunne koeien, met uitzondering van de melk voor eigen gebruik.

Melkers2

 

Waarom het zo lang heeft moeten duren is niet geheel duidelijk, eerst in 1923 wordt er in een kranten artikel gesproken over de bouwplannen van een stoomzuivelfabriek in Veghel.  De daadwerkelijke aanbesteding vindt plaats in 1925, het project wordt gegund aan de aannemers  J. C. Verdort en Joh. van Gerwen voor een bedrag van 48.875,00. Begin 1926 is de fabriek in gebruik genomen. De heer L. Bierens wordt benoemd tot directeur van de fabriek en dat blijft zo tot medio 1953.

Coöperatieve Stoomzuivelfabriek St. Lambertus te Veghel l

In 1953 wordt de heer Th. Kemps aangesteld als nieuwe directeur en in 1955 vindt uitbreiding van de fabriek plaats. Tevens worden de electronische melkwagentjes in gebruik genomen voor levering van zuivelprodukten aan huis.

In 1986 fuseert de fabriek met de DMV Campina en hiermee komt na 60 jaar een einde aan de fabriek.

Tot slot een mooie foto van melkboer Martien Rovers en een leuke reclame foto die ook bij de fabriek aan de muur hing.

13048163_822268187879dd752_2547029743482924145_o copy

natuurboter

Reacties en of aanvullingen uiteraard welkom (herkent iemand de twee melkboeren voor Villa Louise?). Heb je eventueel foto’s van de fabriek laat het weten!

Emiel Verwijst.

 

 

Onthulling Heilig Hart beeld (1924).

ONTHULLING EN INTRONISATIE VAN HET H. HART STANDBEELD TE VEGHEL.

Onthulling en intronisatie Heilig Hart Standbeeld Veghel

‘s-Hertogenbossche Courant, 26 mei 1924 (de integrale tekst uit het artikel). Foto’s: BHIC.nl

MMSADB01_0xxxx00002110_mpeg21_p001_image

Een gebeurtenis die met gouden letters geboekt mag worden in de geschiedenis van Roomsch Katholiek Veghel heeft gister plaats gehad, n.l. de onthulling en intronisatie van het H. Hart Standbeeld te Veghel.

De voorbereidingen voor dezen feestdag waren uitnemend getroffen, zoodat het geheel een aangenaam en ordelijk verloop had waarvoor het comité dan ook alle lof toekomt, terwijl de ordelievende bevolking van Veghel het zijne er toe bijdroeg om dit feest naar wensch te doen slagen. De geheele gemeente was in vlaggentooi.

Het plein voor de Haven waar het H. Hartbeeld is geplaatst, was in grooten omtrek afgemaakt en een 12-tal palen ieder dragende een schild met een van de beloften*door Jezus aan de H. Margaretha Maria gedaan ten gunste van allen die zijn H. Hart vereeren, waren allen gestrengeld met vlaggedoek aan het monument, waardoor deze versiering als één geheel prachtig uitkwam. Een grootschen aanblik aan het geheel gaf de achtergrond van deze versiering, gevormd door het groot aantal schepen dat in de Haven lag gemeerd en die allen tot in den mast met vlaggetjes waren getooid.

De feestdag werd ingezet met een generale H. Communie voor de kinderen en hierbij sloten zich vele inwoners van Veghel aan om mede ter intentie van den herder der parochie tot de H. Tafel te naderen, immers deze herder, de HoogEerw. heer Deken Franssen herdenkt bij deze gelegenheid zijn zilveren priesterjubilé en als geschenk voor Deken Franssen is op zijn jubelfeest het H. Hartmonument tot-stand-gekomen volgens den wensch van Z.H.Eerw.

Deken Franssen

Ten 10 uur werd in de parochiekerk eene plechtige Hoogmis opgedragen, waaronder eene korte predicatie werd gehouden, waarbij den geloovigen werd verzocht het feest dat Veghel thans viert, te vieren op echt kerkelijke manier. Des namiddags ten 2 uur verzamelde zich om het terrein een ontzaglijke menigte die getuigen wilde zijn van dit indrukwekkend gebeuren. Binnen het afgemaakte terrein was een podium opgericht waarop de zetel was geplaatst voor den Bisschop en de voor het feest genoodigden.

De elite van Veghel was hier bijeen; naast een breede schaar van geestelijkheid, waren tegenwoordig de burgemeester van Veghel, de EdelAchtb. heer van Lith, de beide wethouders de heeren Donkers en Winters benevens de leden van den gemeenteraad alsook de oud-burgemeester, de EdelAchtb. heer Völker. Mgr. Diepen arriveerde ten ongeveer kwart voor drie, per auto van Dr. Verbeek afgehaald aan zijn paleis te ‘s-Bosch. Bij aankomst was Z. D. H. vergezeld door den H .Eerw. heer Deken Franssen. Tromgeroffel en bazuingeschal kondigden de aankomst aan.

Onthulling en intronisatie Heilig Hart Standbeeld Veghel

Oud-burgemeester Völker verwelkomde den Bisschop, waarna Z. D. H. in groot ornaat met mijter en staf werd gekleed en plaats nam op het podium. De voorzitter van het hoofdcomité, de WelEerw. heer kapelaan J. Janssen beklom daarna het spreekgestoelte om de plechtigheid te openen. Z.Eerw. rekende het zich tot een groote eer als voorzitter van het hoofdcomité Z. D. H. den Bisschop een blij en hartelijk welkom toe te roepen. Wij weten zei Z.Eerw. dat gij alle lasten van uwe diocesanen medetorst en daarom hebt gij ook aan ons verzoek gevolg willen geven om deze plechtigheid te vereeren.

Onze grijsaards, onze kinderen, onze vaders en moeders zien met verlangen op naar het oogenbiik dat het Koningsbeeld voor onze blikken zal opreizen, Monseigneur, vanuit deze massa gaat den roep uit: geef ons den’ Christus-Koning. Hem alleen willen wij dienen. Niet langer wil ik dan dat oogenblik tegenhouden, zei spr., en ik mag U, “Mgr., namens het Katholieke Veghel dan wel danken voor de groote eer van Uwe tegenwoordigheid en U verzoeken het H. Hartbeeld van zijn omhulsel te ontdoen.

Mgr. Diepen knipte vervolgens met een op zilveren schaal aangeboden schaar het koord door, waarna het kleed waarmede het beeld was omhuld werd verwijderd. Een indrukwekkend moment…. Stoomsignalen schalden vanaf de booten in de haven, kanongebulder en klokkengelui galmde over het water en daarachter een angstig grauwe lucht met bliksemschichten en dondergeroffel in de verte…. Een moment om nooit te vergeten…. Vervolgens beklom Mgr. Diepen den katheder om de menigte toe te spreken.

Onthulling en intronisatie Heilig Hart Standbeeld Veghel

Het heerlijke standbeeld van het Goddelijk Hart van Jezus is nu onthuld en zal door de bisschoppelijke wijding Zijn hooge macht ontvangen, aldus Z. D. H. ” Het is voor mij eene groote voldoening om naar Veghel te komen om te zien dat de Goddelijke Koning in het openbaar zal worden gehuldigd en zal troonen in het openbaar. Een gelukkige samenvoeging noemde Z. D. H. het dat de onthulling van dit standbeeld ter gelegenheid van het 25-jarig priesterfeest van Deken Franssen geschiedde terwijl deze plechtigheid ook samenvalt met de herderking van het feit dat op 25 Mei 1899 Z. H. Paus Leo XIII uitvaardigde zijne encycliek, waarin de liefde tot het H. Hart van Jezus werd aangewakkerd en eenheid werd gebracht onder de kudde zoodat alles werd een Herder en een Schaapstal, welke uitvaardiging H. zelf noemde de grootste daad tijdens zijne pontificaat.

Mgr. Diepen hoopte dat de onthulling en intronisatie van het H. Hartbeeld te Veghel voor allen moge zijn een aansporing voor de liefde tot het H. Hart van Jezus, om zoo te leven dat het God behaagt. Hij moet blijven de Koning en als zoodanig geëerd worden niet alleen in de kerk, maar ook in het huisgezin. Het Goddelijk Hart van Jezus moet zijn als een magneet waardoor alle harten zich voelen aangetrokken en waar onder het beeld de letters zijn gegrift “Regi Suo Cives”, de burgers aan hun Koning, daar hoopte Mgr. dat allen eenmaal zouden worden burgers van het Hemelrijk, wat hun nimmer zou worden ontnomen. Zoo moge ik thans overgaan tot huldiging van het beeld van den Koning, dien Veghel zich gekozen heeft, aldus eindigde Z. D. H. zijne tot de talrijke menigte gerichte toespraak. Vervolgens had de zegening van het H. Hart-monument plaats.

Onthulling en intronisatie Heilig Hart Standbeeld Veghel

Na deze plechtigheid hield de ZeerEerw. Pater Mulder van het Retraitehuis Loyola te Vught de feestrede. Z.Eerw. koos tot tekst de woorden “Vos vocatis me magistra”, gij noemt mij uw meester. Dit zijn de woorden van den Goddelijken Zaligmaker, zei Z.Eerw., die Hij sprak te midden van Zijne leerlingen na de voetwassching bij hen te hebben verricht. Gij noemt mij uw meester en gij doet goed om zoo te zeggen, want ik ben het. Meer dan 1900 jaren is het geleden dat de Goddeiijke Zaligmaker deze woorden sprak en thans nu Veghel Zijne beeltenis op een voetstok plaatst om Hem te erkennen, nu mag ook gezegd worden gij doet goed om Mij te erkennen als uw Meester. Gelukkig zijn de tijden voorbij, aldus Pater Mulder, dat Jezus alleen vereerd werd op de slaapkamers, thans durft ieder in het openhaar Zijnen godsdienst te belijden en Jezus in het openbaar te huldigen. Voor den priester is dit een verblijdende gebeurtenis en ook Mgr. zal zich verheugen getuige te mogen zijn dat hier in Veghel op dit moment en door deze daad in het openbaar getuigenis wordt afgelegd van het belijden van den H. godsdienst. De gewijde redenaar eindigde zijne gloedvolle rede, weike blijkbaar bekort werd door de dreigende donkere wolken die niet veel goeds voorspelden, met de hoop uit te opreken dat de wereld spoedig moge opstaan uit den diepen val, dien zij gedaan heeft en terugkeeren naar Jezus Christus, die door ongeloovige werkers is teruggedrongen. Z.Eerw. wenschte Veghel geluk met de groote daad welke lieden was verricht.

Thans knielde Z. D. H. Mgr. Diepen aan de voeten van het H. Hartbeeld en bad de acte van toewijding aan het Goddelijk Hart van Jezus. De lucht werd echter zoo dreigend en de regen begon zoo geweldig te vallen dat na dit gebed de plechtigheid moest worden onderbroken. In alle haast moest door de overtalrijke schare belangstellenden een heenkomen worden gezocht, wat vriendelijk werd geboden in de omliggende woningen.

Jammerlijk was hiermede een einde gemaakt aan dit gedeelte van het program. Het bleef bijna gedurende een uur lang stortregenen en wij waren bevreesd dat van de grootsche bloemenhulde die moest plaats hebben niets kon komen, doch na een uur uitstel werd de schitterende optocht gehouden, die een onvergetelijk cachet gaf aan de grootsche plechtigheid. Alle rangen en standen der bevolking waren in den onafzienbaren stoet vertegenwoordigd. Om 5.15 uur stelde de stoet zich op het Middegaal nabij het R. K. Gasthuis op. Het hoofd-idee van dezen stoet was: Hulde, gebracht aan het Goddelijk Hart door de aarde en den hemel! De aarde werd vertegenwoordigd door de kinderen, de godsdienstige, charitatieve en sociale vereenigingen; de hemel door de Heiligen, die met de vereering van het H. Hart het nauwst in betrekking staan en door de Engelen. Zoodoende was de stoet in zes groepen gesplitst.

Groep 1 bestond uit een afdeeling Romeinsche soldaten, het R. K. Zangkoor, het Mannenkoor, het Kerkbestuur en het hoofdbestuur.

Groep 2 R. K. Jongensen Meisjesschool, Harmonie Veghel, muziekkorps der Studenten uit Uden, benevens het R. K. Jongens- en Meisjespatronaat.

Groep 3 godsdienstige vereenigingen: Familie, Retraitewerk enz.

Groep 4 sociale vereenigingen: Eer en Deugd, Boerenbond, vakverenigingen enz.

Groep 5 liefdadige vereenigiagen Elisabeths- en Vincentiusvereeniging, Ziekenverpleging enz.

Groep 6 hulde door den Hemel. Deze groep die beoogde de huldiging der Heiligen des Hemels alsmede der negen koren der Engelen, werd voornamelijk voorgesteld door de R. K. Kweekschool.

De grootsche stoet volgde deze route: Vanaf Middegaal, door Stationstraat, Kerkstraat, Marktstraat, Hoofdstraat en verder langs het Raadhuis door de Hoogstraat naar het Havenplein, alwaar ‘de bloemenhulde plaats vond. Het voetstuk van het H. Hartbeeld werd letterlijk bedolven onder de bloemen. Tijdens de bloemenhulde werd afwisselend gezongen door de kinderen en het Veghel’s Mannenkoor, gemusiceerd door een der harmonieën. Na deze plechtigheid begon om 8 uur het H. Lof met Te Deum. Dit werd gezongen door het kerkkoor met medewerking van het Mannenkoor. Door den HoogEerw. heer Deken werd een korte toespraak gehouden, waarin Z.Eerw. allen die meewerkten tot het welslagen van het feest, in het bijzonder de verschillende comité’s dankte. Het Havenplein werd door Z.Eerw. in deze toespraak H. Hartplein genoemd.

* Jezus heeft tijdens zijn verschijningen aan Margaretha 12 beloften gedaan aan de mensen die de devotie van het Heilig Hart aanhangen.

  1. Ik zal hun alle genaden schenken die zij in hun levensstaat nodig hebben.
  2. Ik zal aan hun huisgezinnen de vrede schenken.
  3. Ik zal hen in al hun lijden troosten.
  4. Ik zal voor hen een veilige schuilplaats zijn in het leven en vooral bij de dood.
  5. Ik zal overvloedig zegen uitstorten over al hun ondernemingen.
  6. De zondaars zullen in mijn Hart de bron en een eindeloze oceaan van barmhartigheid vinden.
  7. De lauwe zielen zullen vurig worden.
  8. De vurige zielen zullen spoedig tot een hoge volmaaktheid komen.
  9. Ik zal de woningen zegenen waar de afbeelding van mijn Hart is geplaatst en wordt vereerd.
  10. Aan hen die aan het heil der zielen werken, zal Ik de gave verlenen de meest verstokte harten te treffen.
  11. De personen die deze godsvrucht verspreiden, zullen hun naam in Mijn Hart geschreven vinden en deze zal daar nooit uitgewist worden.

De laatste is de grote belofte:

  1. Ik beloof u, in de overmatige barmhartigheid van Mijn Hart, dat Zijn almachtige liefde aan allen, die achtereenvolgens negen eerste vrijdagen te Communie gaan, de eindgenade van de boetvaardigheid zal verlenen; zij zullen niet in Mijn ongenade sterven, noch zonder de laatste Sacramenten te ontvangen; in dat laatste ogenblik zal Mijn Hart voor hen een veilige schuilplaats zijn.”

 

DE VERLOREN PENNING.

En zo kom je een oud krantenartikel tegen uit het “Eindhovensch Dagblad van 4 Januari 1917”.  Naar het lijkt een wekelijks terugkerend verhaal waarbij een bode van de krant op verschillende locaties een penning verstopt en hierbij de lezers uitnodigt op zoek te gaan naar de “verloren” gewaande penning. Goed voor maar liefst tien gulden! Of de penning ooit is gevonden heb ik niet kunnen achterhalen, maar het pseudoniem “Phantasos” en zijn reislustige vriend “Hermes” doet vermoeden dat er vele lezers tevergeefs hebben gezocht….

Zo ook dit verhaal over Veghel, mogelijk nu met toevoeging van enkele foto’s bij de beschreven droombeelden, gaat er nog iemand op zoek naar de waarschijnlijk nog steeds verloren gewaande penning ;).

DE VERLOREN PENNING“, Droombeelden door Phantasos, artikel uit het “Eindhovensch Dagblad (4 Januari 1917)”:

Als de wind zoo vlug ging het nu over akkers, weiden en bosschen, over huizen en torens, dat ik niets zag van alles, wat zich onder ons uitstrekte. Niet lang echter duurde die razende vaart, want na enkele minuten reeds kregen we een slanken toren in ’t gezicht, ons luchtschip begon langzaam en statig te zweven en Hermes kondigde aan, dat we in de nabijheid van Veghel waren.

Beneden ons zagen we de stoomtram zich voortspoeden met kronkelende bewegingen. Verschilende groepjes huzaren reden over de modderige wegen in vluggen draf voort, zoodat het slijk (op foto: geen slijk, maar water ;) hun om de ooren spatte.

 

Huzaren te Veghel 1917
Huzaren te Veghel 1917

Nu en dan eene boerenwoning, dennenbosschen en jonge aanplanting, tal van omgehakte jonge wilgen, akkers met welig wintergraan, dat alles had ik in enkele seconden opgemerkt. Wij beklagen ons in de stad ooit over de wegen, zei ik tot Hermes, maar op een dorp is het toch nog heel iets anders. Ja, kreeg ik ten antwoord, de binnenwegen zijn hier ellendig slecht, doch als ge straks in het dorp komt zult ge zien, dat het nog al meevalt.

We vlogen juist over de gasfabriek en een molen en waren nu weldra boven den harden weg.

Gasfabriek

Behalve dat ik u thans het dorp Veghel eens ga toonen, zal ik tevens laten zien, waar de bode van het Dagblad den Penning gaat verbergen. Zie, daar komt hij juist uit het Tramstation.

Molen Sluistraat

De man volgde een oogenblik de tramlijn, sloeg dan rechtsaf de Hoogstraat in en bleef stilstaan voor den mooien winkel van de firma J. Winters.Winters 1

Het regende dat het goot (op foto geen regen, maar zon 😉 ), doch onze man stoorde zich nergens aan. Nu kon hij juist ongehinderd zijn werk verrichten. Geen levende wezen vertoonde zich in dat hondenweer op straat (op de foto: een drukte van jewelste op straat). Na even rondgekeken te hebben haalde hij snel iets uit den zak en stak het onder het winkelraam in den grond.

winters2

 

Mag ik voor het te laat is één koffie meneer?

Oude krantenkoppen als “Te slopen café kent rijke geschiedenis” (BD, 2011), “Het oude stationskoffiehuis is helemaal verkrot” (Kliknieuws Juni 2017), “Het staat op instorten” (Stadskrant, 2008) en een artikel in de Stadskrant van 2011 heeft als kop: “Café Spoorlaan maakt plaats voor huizen“. Deze krantenkoppen uit het verleden voorspellen weinig goeds. In een van de artikelen wordt gemeld dat gemeente in overleg gaat met de eigenaren.

1936

Oorspronkelijk was het pand in gebruik als Hotel en Stationskoffiehuis H.B. van der Leeden (Henricus Baldewinus van der Leeden was  gehuwd met Hendrika van Asperen), dit in de nabijheid van het oude Stationsgebouw dat in de jaren ’60 per abuis* is gesloopt. Later zijn naar zeggen van diverse reacties Ties (Martinus) en Mien Duijts de uitbaters geweest. Dit blijkt ook uit een record van het Handelsregister op het BHIC, het jaar van inschrijving 1944 met handelsnaam M. Duijts, die vervolgens is uitgetreden als eigenaar in 1948 wegens overdracht der zaak aan F. Duijts (of dit ook het café betrof is onduidelijk). Hierna heeft de familie Danklof het café overgenomen (hoe lang blijkt niet uit de archieven van BHIC). Onder de wat oudere “jongeren” is het café misschien wel het meest bekend onder de naam “Don-Pedro Bar” van Peter van Os (van 1976 tot 1994). Maar mogelijk hebben er nog meer eigenaren in gezeten. Op een foto van Veghel in Beeld is een inmiddels verdwenen reclame uithangbord van Dommelsch bier te zien met daaronder de naam “Kolenkit“. Inderdaad een café met een rijke geschiedenis, maar over deze geschiedenis en jaartallen is maar heel weinig te vinden in openbare archieven. Op het BHIC is er wel een record terug te vinden onder de naam ” Hotel van der Leeden, Stationskoffiehuis” in het Handelsregister met vestigingsdatum 1896, datum inschrijving 1923 en datum opheffing 1945. Maar dan staat er Hoofdstraat als adres vermeld. Op z’n minst verwarrend. Ja, er zat in de Hoofdstraat ook een hotel van der Leeden, echter was dit ook een Stationskoffiehuis? Nee, hier was Johannes van der Leeden (vader) logementhouder en herbergier en lijken deze data te kloppen.

Op de twee oude foto’s is te zien dat er zowel aan de voorzijde en links van het pand veranda’s hebben gezeten, met prominent aanwezig de reclame borden van de Bredase Bierbrouwerij de “De Drie Hoefijzers”. Achter het café is het dak en een deel van het toenmalige woonhuis van Ties Duijts te zien, dit pand is waarschijnlijk in de jaren ’70 gesloopt bij de bouw van het bedrijfspand van Coppelmans Keukens.

koffiehuis new333_FotddoSketcher

Anno 2019 staat het pand staat er nog steeds, getuige onderstaande foto’s van afgelopen maand. Vervallen inderdaad, dit in schril contrast met de mooie historische panden aan de overzijde van de Spoorlaan. Iets verder staat een prachtig treinstel van museum SIEMei te pronken, “wachtend” voor de historische spoorwegovergang bij het witte wachtposthuisje. Tegenover het voormailge café staat een beetje verloren het Stationsbord dat doet herinneren aan het oude Stationsgebouw. Okay het café ziet er niet uit in de staat waarin het nu verkeerd. Maar dan vraag je je toch af waarom, en dit in tegenstelling tot wat er in de oudere krantenkoppen wordt gesuggereerd, er niet is of wordt overwogen om dit historische pand in oude luister te herstellen in plaats van het te slopen. Het zou een mooie aanvulling zijn bij de al aanwezige historische bezienswaardigheden aan de Parallelweg-Zuid…. Laat de koffie u smaken ;)!

Reacties, correcties en/of aanvullingen van harte welkom, Emiel Verwijst.

* Aldus de site het Duits-lijntje: “Het was niet de bedoeling het hele gebouw te slopen, echter alleen de wachtkamers aan beide zijden”.

Veghel, en het lied “Parel van de Meierij”.

We schrijven Veghel, eind jaren ’40.

Result23 copy copy2 copy cop small ffy
Inmiddels n.a.v. reacties aantal namen bekend: derde van links Mia Schellen, daarnaast Adrie van de Sande, daarnaast Riek Franssen, daarnaast Mia Hexspoor en daarnaast Jo van Liempd.

Een foto van Johan van Eerd van een opvoering van een gezelschap “Veghel Vooruit Revue”. Op het bord rechtsonder valt te lezen dat het gaat om een voorstelling met de naam “HOE HÈ’K’T NOU”. Deze foto komt uit een serie van meerdere foto’s van deze revue en zullen later in een andere blog worden gepubliceerd. De dames poseren netjes op het podium en hebben naar het lijkt het lied “Veghel parel van de Meierij” ten gehore gebracht. Het  lied is oorspronkelijk geschreven door Frans van Dorst en werd (naar verluidt) voor het eerst in 1949 opgevoerd in de Veghelse revue “Wie ha dè gedaacht”. Het refrein van het lied hangt prominent achter de dames, ongetwijfeld met als doel om het publiek uit volle borst mee te laten zingen.

“Veghel parel van de Meierij!”
Veghel, mijn Veghel!
“Mijn harteklop, mijn hartebloed, zijt gij!”
Veghel, mijn Veghel!
Schitter dan steeds boven alles uit
Wij zingen dan ook nog eens zo luid:
“Veghel parel van de Meierij!”
Veghel, mijn Veghel!

Het zou leuk als iemand een of meerdere van deze dames herkent (nog ontbrekende namen) of misschien meer kan vertellen over deze revue.

Nu wilt u natuurlijk weten hoe dit lied klinkt. In september 2017 heeft het Iers Mannenkoor de “Kabelgat Ramblers” uit Veghel hiertoe een niet onverdienstelijke poging gedaan. Op Youtube staat hier een mooi filmpje van Skyline FM met een leuke intro en de uitvoering van het lied. Leuk hoe de geschiedenis zich hier herhaalt, maar nu door een mannenkoor ;)!

Tekst: Emiel Verwijst, Groeten uit Veghel, “Waar verleden en heden samen komen”.

Veghel, Dorshout 18, nostalgie in optima forma, gebouwd in 1809.

Veghel, nostalgie in optima forma. Bij een rondwandeling waan je jezelf twee eeuwen terug in de tijd. Dorshout 18, gebouwd in 1809. Deze meer dan 200 jaar oude boerderij van het langgeveltype, met riet en pannen gedekt wolfdak dateert van 1809 blijkens het jaaranker en staat geregistreerd als monument (nr. 37032) bij de De Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed.  In het woongedeelte vensters met luiken en twintigruitsschuiframen. Foto’s: Emiel Verwijst ©.